Aandacht vragen voor mensenrechten? Terrorist!

De Turkse premier Ahmet Davutoğlu heeft gisteren in Brussel een akkoord bereikt met de EU over het uitwisselen van vluchtelingen. Zijn baas Erdogan stelde deze week voor om de definitie van terrorisme zodanig aan te passen dat iederéén die zich tegen hem keert tot terrorist bestempeld kan worden – of het nou met een pen is of met een geweer.

Source: Vrij Nederland

In Turkije is iedereen die aandacht vraagt voor mensenrechten straks terrorist

Protesten in Istanbul in de zomer van 2015. Foto: Lefteris Pitarakis/HH

De Turkse premier Ahmet Davutoğlu heeft gisteren in Brussel een akkoord bereikt met de EU over het uitwisselen van vluchtelingen. Zijn baas Erdogan stelde deze week voor om de definitie van terrorisme zodanig aan te passen dat iederéén die zich tegen hem keert tot terrorist bestempeld kan worden – of het nou met een pen is of met een geweer.

Afgelopen woensdagochtend vielen Turkse antiterreureenheden voor dag en dauw de huizen van negen Istanboelse advocaten binnen. Ze werden afgevoerd naar Vatan Emniyet, het politiebureau van de afdeling anti-terrorisme. Tenminste twintig andere verdachten werden gearresteerd. De actie was gericht tegen de PKK en hield verband met de aanslag vorige week zondag bij een busstation in Ankara, waarbij 37 mensen omkwamen. Een dag later liet president Erdogan weten de definitie van terrorist te willen veranderen. In de toekomst zou iedereen die zich tegen de regering keert, of er nu geweld in het spel is of niet, als terrorist bestempeld kunnen worden.

De aanslag van zondag werd opgeëist door de Vrijheidsvalken van Koerdistan (TAK), een afsplitsing van geradicaliseerde PKK-jongeren, als vergelding voor de gebeurtenissen in Cizre, een stadje in Oost-Turkije waar hevig wordt gevochten tussen de TAK en het leger. Tientallen mensen, zowel burgers als strijders, kwamen vorige maand om toen het leger het gebouw waaronder ze schuilden aan puin schoot, en vervolgens in brand stak. Ze werden levend verbrand.

De negen gearresteerde advocaten zijn lid van de Libertarian Lawyers’s Association (ÖHD), een links-georiënteerde organisatie die veel terrorismeverdachten bijstaat – een groeiende markt. Eén van hen is Hüseyin Boğatekin, raadsman van Seher Çagri Demir, de studente die vorige week de aanslag zou hebben gepleegd op het busstation in Ankara. In de dagen na de aanslag is de advocaat op social media verketterd omdat hij de terroriste drie maanden eerder had vrijgekregen uit de gevangenis. Volgens online tabloid Sabah zou Boğatekin in speciaal daarvoor ontworpen schoenen boodschappen aan terroristenverdachten in de gevangenis hebben overgebracht.

In terrorismezaken blijft de aanklacht, als die er al is, geheim.Of dat klopt weet niemand – in terrorismezaken blijft de aanklacht, als die er al is, geheim. Het idee dat de advocaten koerierdiensten voor terroristen in de schoenen wordt geschoven is niet denkbeeldig: tijdens het verhoor van een van de andere advocaten, Ramazan Demir, werden vragen gesteld die in die richting wezen, aldus het doorgaans betrouwbare persbureau DIHA. Demir is de advocaat van de Nederlandse journalist Frederique Geerdink, die vorige herfst het land werd uitgegooid omdat ze propaganda zou maken voor de PKK. De Brit Chris Stephenson overkwam deze week hetzelfde. Deze hoogleraar computerwetenschappen aan de Istanboelse universiteit Bilgi had, net als duizend collega-academici, een petitie ondertekend die de strijdende partijen opriep tot vrede.

De opstellers van de petitie zijn gearresteerd en afgelopen dinsdag zou Stephenson tijdens de rechtszaak een verklaring afleggen. Maar zo ver kwam het niet. Bij een veiligheidscontrole bij de ingang van de rechtbank vonden de bewakers een stapeltje flyers voor het Koerdische nieuwjaarsfeest in zijn tas. Stephenson werd gearresteerd op verdenking van het maken van propaganda voor een terroristische organisatie. ‘Op naar de cel,’ twitterde hij dinsdagavond. Woensdagmiddag werd hij op het vliegtuig gezet. ‘Het was belachelijk,’ zegt Stephenson aan de telefoon vanuit Londen. ‘Ik werd door acht politieagenten naar het vliegtuig gebracht. Gelukkig zorgden vrienden ervoor dat mijn vrouw en dochter op dezelfde vlucht zaten.’

Ook in de zaak van de academici voerden ÖHD-advocaten de verdediging, maar het is niet de enige reden waarom Demir de toorn van de regering over zich afriep. In januari spande hij met succes een spoedprocedure aan bij het Europese hof voor de Rechten van de Mens om de Turkse regering te dwingen ambulances toe te laten tot het belegerde gebied, zodat burgergewonden de stad konden verlaten. Het was de eerste keer in de geschiedenis van het Hof dat deze procedure werd gebruikt bij een acute, levensbedreigende situatie. De noodvoorziening werd aanvankelijk toegewezen maar de regering trok zich er weinig van aan. Bij latere spoedaanvragen verwees het Hof Demir terug naar de Turkse rechter. ‘Krijg op hetzelfde moment bericht dat de gewonden inmiddels dood zijn en de afwijzing van het EHRM, de gewonden moeten maar 112 bellen,’ twitterde hij op 8 februari verbitterd.

Kati Piri, Europarlementariër voor de PvdA en Turkije-rapporteur, lukte het wel om een paar mensen uit de vuurlinies te halen. Tien dagen na de verbranding in Cizre bezocht ze Diyabakir, de grootste stad in het Koerdische deel van Turkije, die ook wordt belegerd. ‘We waren met een groepje sociaal-democraten en zagen de wanhoop van de burgers. We hebben toen met de gouverneur een staakt-het-vuren afgesproken zodat mensen hun gewonden naar het ziekenhuis konden brengen. Het was afgestemd met de Europese Commissie en de Europese Diplomatieke Dienst.’ Tenminste vijf mensen konden zo in veiligheid worden gebracht, schreef Piri op haar blog. Maar door de actie werd Piri zelf doelwit van de Turkse regering: een paar dagen erna gaf de Turkse minister van Europese Zaken Volkan Bozkir een verklaring uit waarin hij de onafhankelijkheid van Piri in twijfel trok.

Krap drie weken later, op 7 maart, kwam Davutoğlu met zijn voorstel voor een oplossing van de vluchtelingencrisis: Turkije zou Syrische vluchtelingen die Europa illegaal over zee hadden bereikt terugnemen en in ruil daarvoor zou Europa langs legale weg evenzoveel mensen toelaten. Daarvoor eist Turkije wel dat de visumplicht voor Turken in Europa wordt afgeschaft en dat er versneld onderhandeld zal worden over de toetreding van Turkije tot de EU. Vrijdagmiddag sloot de Turkse premier in Brussel een akkoord met de Europese leiders.

Het afschaffen van de visumplicht terwijl je weet dat 400.000 mensen in Oost-Turkije hun huis hebben moeten verlaten lijkt me niet handig. Het is maar de vraag of we blij moeten zijn met die deal, denkt Piri. Vorige week schreef zij een vernietigend rapport over de toenemende mensenrechtenschendingen in Turkije, dat volgende maand ter stemming komt in het Europese Parlement. Volgens haar is het ronduit gevaarlijk om de vluchtelingencrisis te koppelen aan toetredingsgesprekken met Turkije. Door de ogen te sluiten voor mensenrechtenschendingen bevorderen we juist de instabiliteit in Turkije, denkt Piri, en aan een instabiele partner heb je weinig. ‘Je wekt de indruk dat het niet gaat om het behalen van bepaalde standaarden, maar dat het een politiek proces is. Die fout hebben we in 2004 ook gemaakt, toen we de EU hebben uitgebreid met tien landen die er absoluut nog niet klaar voor waren. Maar je moet niet sjoemelen met standaarden voor de EU. En daarbij denk ik dat je de Turkse bevolking niet voor de gek moet houden. Die krijgt nu van hun regering de boodschap: wij helpen jullie de EU in, terwijl iedereen ziet dat het land steeds meer afdrijft. Dat geldt ook voor het afschaffen van de visumplicht. Het Europarlement heeft gezegd: daar zijn we voor, mits Turkije aan alle 78 voorwaarden voldoet. Maar dat zegt Davutoğlu er niet bij. Dus zetten we van alles op papier waarvan we nu al weten: dat gaat niet lukken.

Wat je bij de regeringsleiders ziet is de gedachte: die mensenrechten weten we nu wel, maar een oplossing voor het vluchtelingenprobleem is urgenter. Maar die zaken zijn niet van elkaar te scheiden. De oplaaiende oorlog in Syrië heeft alles te maken met de strijd tussen de PKK en het Turkse leger. En het afschaffen van de visumplicht terwijl je weet dat 400.000 mensen in Oost-Turkije hun huis hebben moeten verlaten lijkt me niet handig. Je moet natuurlijk oppassen dat je niet de indruk wekt dat al die Turken hierheen komen. Al zag je de eerste Koerden twee weken geleden al op Lesbos.’

In Londen probeert Stephenson bij te komen van de shock. En hij is verdrietig. ‘We riepen alleen maar op tot vrede. Tot vorig jaar februari was er een soort van vredesproces gaande, er was zicht op een politieke oplossing met de Koerden, waardoor Turken en Koerden samen konden leven. Een oplossing is broodnodig, de huidige escalatie is zinloos. Je moet met elkaar in gesprek blijven en je realiseren dat het principe om met elkaar samen te leven het allerbelangrijkste is. Je ziet het bij elk vredesproces, in Noord-Ierland bijvoorbeeld. Een van de ergste aanslagen werd gepleegd nadat het vredesverdrag was getekend. Het vereist dus een zekere volwassenheid om kalm te blijven en door te gaan met de vredesbesprekingen. Ik hoop dat dat gebeurt en dat ik snel weer terug kan naar Turkije.’

_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _

In diep verdeeld Turkije is nu niets meer vanzelfsprekend

Jongeren rouwen zondag in Ankara om de slachtoffers van de aanslag. Murat Bay/XianPix/Corbis/HH
De Turkse regering weet het bijna zeker: de Islamitische Staat is verantwoordelijk voor de aanslag in Ankara, waarbij bijna 100 mensen om het leven kwamen en zo’n 200 anderen gewond raakten. Premier Ahmet Davutoglu had eerst nog alle vijanden van zijn interim-regering aangewezen als mogelijke verdachten: van de Koerdische PKK tot extreemlinkse Turkse groeperingen. Op haar beurt beschuldigt de pro-Koerdische Democratische Volkspartij HDP de Turkse regering ervan dat zij ‘dit heeft laten gebeuren’. Alles is voorstelbaar in het sterk verdeelde Turkije. Zelfs de woorden derin devlet vallen weer. De ‘diepe staat’ – het schimmige netwerk van legerofficieren, zakenlui en mafiosi – zou nog steeds actief zijn en zoveel chaos willen veroorzaken dat het leger zich, niet voor het eerst, genoodzaakt voelt in te grijpen.Het doelwit is in ieder geval wel duidelijk: de meeste slachtoffers zijn aanhangers van HDP. Die slaagde er bij de parlementsverkiezingen in juni in de kiesdrempel van tien procent royaal te halen. Die historische overwinning was te danken aan het feit dat de Democratische Volkspartij meer linkse, niet-Koerdische kiezers trekt, zeker sinds zij afstand heeft genomen van de verboden PKK. De partij van president Recep Tayyip Erdogan slaagde er daarna niet in een nieuwe coalitie te vormen en schreef nieuwe verkiezingen uit voor 1 november. Kwade tongen beweren dat Erdogan daar vanaf het begin op aan had gestuurd. Maar dat heeft natuurlijk alleen zin als zijn Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling, AKP, het deze keer stukken beter doet.

De aanslag zaterdag was een van de bloedigste in de Turkse geschiedenis, maar sinds de verkiezingen van juni is HDP voortdurend een doelwit. Op 20 juli kwamen 33 activisten van de partij om bij een zelfmoordaanslag in het Koerdische Suruç. Partijleider Selahattin Demirtas houdt de regering verantwoordelijk, maar ‘we zullen geen wraak nemen. Geweld brengt alleen maar meer geweld voort. Wij zullen gerechtigheid zoeken op 1 november bij de verkiezingen.’

Hoewel vrije en veilige verkiezingen in Turkije nooit vanzelfsprekend zijn geweest, is het deze keer al bij voorbaat onvoorstelbaar.

Advertisements